•  
    Naam predikant
    In:
    gekomen van:
    In:
    overleden/emeritaat/
    vertrokken naar:
    1
    ds. J. de Jonge [1]
    1573
    ?
    1574
    overleden
    2
    ds. A. H. Embricensis [2]
    1586
    Wassenaar
    1586
    overleden
    3
    ds. J. Martini [3]
    1587
    Tholen
    1588
    Bleiswijk
    4
    ds. T. Siligineus
    1589
    Hulst
    1592
    Veenendaal
    5
    ds. A.J. Schagen
    1593
    Heukelum
    1594
    afgezet
    6
    ds. M.B. Schaets
    1594
    Edam
    1603
    overleden
    7
    ds. T. Hessing
    1604
    Heusden
    1618
    overleden
    8
    ds. J. Mulhovius
    1618
    Lent
    1620
    overleden
    9
    ds. P. Colonius
    1620
    Grave
    1653
    overleden

     Sinds 1648 tweede predikantsplaats

    10
    ds. P. Colonius [4]
    1648
    kandidaat
    1656
    Harderwijk
    11
    ds. H. Weijmans [5]
    1655
    Heenvliet
    1658
    Rotterdam
    12
    ds. G. Fabius
    1657
    Benthuizen
    1666
    Delft
    13
    ds. H. Alutarius
    1659
    Sleeuwijk
    1687
    overleden
    14
    ds. P. Wittewrongel [6]
    1669
    Berkel - Rodenrijs [7]
    1674
    overleden
    15
    ds. G. van Blotenburg
    1675
    Asch
    1681
    Amersfoort
    16
    ds. Ae. van den Bogaart
    1681
    Dinteloord [8]
    1698
    overleden
    17
    ds. N. Santvoort [9]
    1687
    s-Gravenmoer
    1727
    afgezet
    18
    ds. T. Bolwerk
    1699
    Beusichem
    1712
    overleden
    19
    ds. J. Bachiene [10]
    1712
    Deil - Enspijk
    1718
    overleden
    20
    ds. A. de Vlieger [11]
    1714
    Krabbendijke
    1718
    overleden
    21
    ds. A.J. Schluiter
    1719
    Scherpenzeel (Gld.)
    1720
    Zutphen
    22
    ds. H. Bogaert [12]
    1720
    Jaarsveld
    1732
    overleden
    23
    ds. G. van Way
    1720
    Kockengen
    1726
    overleden


    [1] Bij de Spaanse belegering van Leerdam in 1574 beloofde markies Vitelli de Leerdamse bevolking een vreedzame inname van de stad, wanneer een drietal mannen aan hem zouden worden uitgeleverd: ds. Joost de Jonge en schoolmeester Rogier Joosz uit Leerdam en ds. Quirinus de Palme uit Asperen. Daarop werd de schuilplaats van ds. de Jonge (voor tien stuivers!) verraden, en werd ds. de Jonge naar het galgenveld langs de Linge gesleept, waar hij – zonder enig proces – werd opgehangen. Onderweg sprak de predikant nog tegen zijn vrouw en kinderen: “Mijne lieve schaapjes, troost U in den Heere Uwen God, Die toch een Vader en Beschermer is van alle weduwen en weezen. Vertrouwt op Hem alleen, mijn lieve schaapjes; het kan nu met mij niet anders gaan; de goede God heeft het aldus met mij besloten.” In Leerdam is de ‘Joost de Jongestraat’ naar hem genoemd.

    [2] Ds. Arnoldus Herberts van Embrik (of chiquer: Embricensis; het predikantenbord in de kerk beschouwt ‘Herberts’ ten onrechte als de achternaam) wordt door Van der Aa genoemd als ‘de eerste predikant nadat de stad weer in handen van de Staten gekomen was.’ De levensloop van deze predikant is tamelijk onzeker. Bovenstaande gegevens lijken het meest waarschijnlijk: dat hij in 1586 gekomen van Wassenaar (daarvoor Brouwershaven) in hetzelfde jaar te Leerdam is overleden.

    [3] Over ds. Johannes Martini heerst verwarring, doordat er in dezelfde tijd ook een naamgenoot werkzaam was als predikant (o.a. in Wezel). De Leerdamse Johannes Martini (of Martinius) is waarschijnlijk dezelfde als ds. Johannes Fleurkens van Hensbroek en Obdam. Hij was daarna o.a. predikant te Westmaas, Zelle, Herenthals (twee plaatsen in het huidige België) en Tholen. Het geuite vermoeden dat Leerdam ook in 1581-1582 werd gediend door ene Johannes Martini is niet in overeenstemming met a) de levensloop van onze ds. Martini, b) de opmerking over ds. Embricensis (zie hierboven), c) ons predikantenbord.

    [4] Ds. Paulus Colonius is de zoon van ds. Paulus Colonius, die als nr. 9 vermeldt wordt. Eerst werkt ds. Colonius jr. als junior-predikant naast zijn vader, die de seniorpredikant was; later werd hij officieel in de predikantsplaats bevestigd. Na zijn Leerdamse periode werd hij onder andere hoogleraar te Harderwijk en te ’s Hertogenbosch.

    [5] Het predikantenbord vermeldt zijn naam als ds. Henricus Wigmans.

    [6] Ds. Petrus Wittewrongel is de zoon van de bekende ds. Petrus Wittewrongel (1609-1662). Vader Wittewrongel werd o.a. bekend als predikant van de Oude Kerk te Amsterdam, behorend tot de ‘Nadere Reformatie’; en als auteur van het boek ‘Oeconomia Christiana ofte Christelicke huyshoudinghe’ (1655).

    [7] Ten onrechte vermeldt het predikantenbord in de kerk: Brakel.

    [8] Het predikantenbord vermeldt de destijds eveneens gangbare naam: ‘Princeland’ (Prinsenland).

    [9] Voordat ds. Nicolaas Santvoort in 1727 officieel werd afgezet, was hij wellicht al lange tijd niet meer werkzaam in Leerdam. Gegevens uit 1724 vermelden hem als: “predikant te Leerdam, wonende te ’s Hertogenbosch.” Dit verklaart wellicht tevens waarom er in de periode 1714-1727 steeds twee andere predikanten genoemd worden.

    [10] Het is opmerkelijk en ingrijpend dat de beide predikanten ds. Johannes Bachiene en ds. Anthonius de Vlieger binnen twee weken tijd allebei overleden: ds. Bachiene op 27 september 1718 en ds. de Vlieger op 9 oktober 1718.

    [11] Zie noot 10.

    [12] Op het predikantenbord in de kerk in de kerk staat ds. Hiskias Bogaert (zijn naam wordt ook geschreven als Bogert, Bogaard, Bogaardt, etc.) ten onrechte vermeld boven ds. Schluiter, omdat men uitging van een intrede in 1718. Deze vond echter pas plaats in 1720.

  • Naam predikant In: gekomen van: In:
    overleden/emeritaat/
    vertrokken naar:
    24
    ds. N. Bellaert
    1727
    kandidaat
    1761
    overleden
    25
    ds. W. van Slingeland
    1733
    Hagestein
    1762
    overleden
    26
    ds. J. Claessen
    1761
    Kedichem
    1806
    emeritus
    27
    ds. J. Cremer
    1763
    Vuren – Dalem
    1773
    Hulst
    28
    ds. R.G. Bartz
    1773
    Dirksland
    1789
    emeritus
    29
    ds. P. Spiering
    1789
    Wissenkerke
    1815
    emeritus
    30
    ds. J.C. Fabius
    1807
    Lisse
    1810
    Delft
    31
    ds. G.J. Rooijens
    1811
    Rumpt
    1817
    Harlingen
    32
    ds. W.L. van Meurs
    1815
    Zoelmond
    1818
    Nijmegen
    33
    Ds. D. Indeweij
    1817
    Noordeloos
    1847
    overleden
    34
    ds. R. van der Kloes
    1818
    Vuren – Dalem
    1820
    overleden
    35
    ds. J.A. van Eijk Voorthuijsen
    1821
    Zoelmond
    1853
    emeritus
    36
    ds. H.C. Voorhoeve [1]
    1848
    Ophemert
    1851
    Harlingen
    37
    Ds. H.J. van Gruting
    1851
    Jisp
    1852
    Dordrecht
    38
    ds. U.J.W. Roldanus
    1853
    Katwijk aan den Rijn
    1882
    emeritus
    39
    ds. T. Poortman
    1853
    Sijbekarspel
    1855
    Zwolle
    40
    ds. J.C. Diehl
    1855
    Lichtenvoorde
    1883
    emeritus
    41
    ds. H. van Selms
    1883
    Nisse
    1888
    Kralingen
    42
    ds. H. Metz
    1885
    Lopik
    1888
    Schiedam
    43
    ds. J.W. Beerekamp
    1889
    Meteren
    1892
    Echteld
    44
    ds. N.C.J. de Minjer
    1889
    Hoogblokland
    1891
    Sexbierum
    45
    ds. J.G. Bruining
    1892
    Schoonhoven
    1900
    Middelharnis
    46
    ds. L.M. van Noppen
    1894
    Zwartsluis
    1897
    Scheveningen
    47
    ds. J. de Visser
    1897
    Brakel
    1901
    Makkum
    48
    ds. J.A. Hoekzema
    1901
    Zuilichem - Nieuwaal
    1910
    Hilversum
    49
    ds. H.J. de Groot [2]
    1902
    Hattem
    1908
    Voorst
    50
    ds. J. Goslinga
    1909
    Moerkapelle
    1912
    Utrecht
    51
    ds. J. van Vliet
    1911
    Poortvliet
    1913
    overleden
    52
    ds. F. Kijftenbelt [3]
    1912
    Nieuwer ter Aa
    1918
    Bodegraven
    53
    ds. J.E. Klomp
    1915
    Poortvliet
    1917
    Kesteren
    54
    ds. P.J. Vreugdenhil
    1918
    Sprang
    1924
    Gorinchem
    55
    ds. J. Severijn [4]
    1918
    Wilnis
    1921
    Dordrecht
    56
    ds. S.C. Groeneveld
    1922
    Zuilichem - Nieuwaal
    1929
    Ter Aar
    57
    ds. J. Enkelaar
    1931
    Ouderkerk aan den IJssel
    1948
    Jaarsveld
    58
    ds. W.R. Ambrosius
    1945
    Eemnes-Binnen
    1951
    Soest
    59
    ds. H. van Dijk
    1949
    Den Ham (Ov.)
    1973
    emeritus
    60
    ds. A.H. Sonnenberg
    1951
    Ooltgensplaat
    1955
    Kampen
    61
    ds. K. Ooms [5]
    1955
    Op- en Neder-Andel
    1963
    De Bilt
    62
    ds. S.W. Verploeg
    1964
    Waspik
    1970
    Oudshoorn - Ridderveld (bw) [6]


    [1] Ds. Hermanus Cornelis Voorhoeve (1818-1903) was predikant te Ophemert (1842), Leerdam (1848), Harlingen (1851), directeur van het Nederlandsch Zendelinggenootschap te Rotterdam (1858), daarna predikant te Fijnaart (1864), Delfshaven (1866), Amersfoort (1868) en van 1874-1880 opnieuw te Harlingen. Hij moet niet verward worden met de veel bekendere Hermanus Cornelis Voorhoeve: de vader van uitgever J.N. Voorhoeve en overgrootvader van voormalig minister van defensie Joris Voorhoeve; en de dichter van diverse ‘Geestelijke liederen’ en vertaler van Darbistische werken en vertaler van / medewerker aan de ‘Voorhoevebijbel’.

    [2] Ds. H.J. de Groot stond na zijn Leerdams periode bijna 38 jaar in Voorst. Deze Kohlbruggiaanse predikant werd het meest bekend door zijn boek ‘Schaap en bok in één hok. Keur uit de pastorale schetsen van ds. H.J. de Groot, gekozen en ingeleid door dr. K.H. Miskotte’ (Amsterdam zj.). Ook gaf hij onder andere zijn catechismuspreken uit in twee banden: ‘Uit de Middagpreek’.

    [3] Ds. Frederik Kijftenbelt stond na Bodegraven 23 jaar lang in (Rotterdam-) Feijenoord. Hij was 35 jaar hoofdbestuurslid van de G.Z.B. Als predikant was hij ondermeer bekend omdat hij elke preek afsloot met een zelfgemaakt gedicht. Van zijn hand verscheen onder andere een bundel met preekschetsen (én gedichten) onder de titel: ‘Studeren en mediteren’.

    [4] Ds. Johannes (Jo) Severijn (1883-1966) was predikant te Wilnis (1915-1918), Leerdam (1918-1921) en te Dordrecht (1921-1929). Van 1929-1931 was hij lid van de Tweede Kamer der Staten-Generaal voor de ARP. Van deze partij was hij ook fractiesecretaris. Van 1931-1951 was hij hoogleraar wijsgerige ethiek en godsdienstwetenschap aan de Rijksuniversiteit Utrecht (een leerstoel vanwege de Gereformeerde Bond). Van 1940-1966 was hij voorzitter van de Gereformeerde Bond ter verbreiding en verdediging van de waarheid in de Hervormde kerk. Ook was hij hoofdredacteur van de ‘Waarheidsvriend’, het orgaan van de Gereformeerde Bond.  

    [5] Ds. Klaas Ooms, toenmalig wijkpredikant van West, opende op 26 januari 1961 de Pauluskerk, als het tweede kerkgebouw voor hervormd Leerdam. Overigens had West hiervoor al enige tijd gekerkt in gebouw Rehoboth.

    [6] Dit is (nu) een wijk van Alphen aan den Rijn.

  • Naam predikant
    In:
    gekomen van:
    In:
    overleden/emeritaat/
    vertrokken naar:
    63
    ds. T. Lekkerkerker
    1970
    Oosterwolde (Gld.)
    1975
    Ede
    64
    ds. J. Groenenboom
    1974
    Vriezenveen
    1996
    emeritus

     Sinds 1973 derde predikantsplaats [1]

    65
    ds. Chr.S. Verwoert (Noord)
    1974
    Menaldum
    1977
    Berlikum
    66
    ds. R.H. Kieskamp (West)
    1975
    Oud-Alblas
    2001
    emeritus
    67
    ds. J. Blommendaal (Noord)
    1979
    zendingspred. Irian Jaya
    1989
    emeritus
    68
    ds. C. Nieuwenhuizen (Noord)
    1991
    kandidaat
    1997
    Oosterhout
    69
    ds. H. Talsma (Centrum-Oost)
    1997
    Putten
    2002
    ontheven
    70
    ds. B. Metselaar (Noord)
    1998
    Meppel
    2010
    emeritus
    71
    ds. J.J. van Holten (West)
    2002
    Zegveld
    2007
    Bergambacht
    72
    ds. P.F. Bouter (Centrum-Oost)
    2004
    Putten
    2010
    Bodegraven
    73
    ds. J.A.W. Verhoeven (West)
    2009
    Oudewater - Hekendorp
    heden
     
    74
    ds. M.B. Heijting (Noord)
    2011
    Dordrecht (Stadspolder)
    heden
     
    75
    ds. A. Schroten (Centrum-Oost)
    2011
    Gouderak
    heden
     


    [1] Het is overigens de vraag of het hier voor het eerst is in de Leerdamse geschiedenis, dat er drie predikanten tegelijk werkzaam zijn in de hervormde gemeente. In de periode 1714-1726 staan er ook drie predikanten tegelijk (zie noot 9); en in 1852 staan er eveneens drie tegelijk (of heeft dit al te maken met de leeftijd/ziekte van ds. Van Eijk Voorthuijsen, die in 1853 spoedig na zijn emeritaat overleed?).